|
|
Plukken || Knippen
|| Effileren
|| Wassen
|| Borstelen
|| Klitten
|| FURminator
|
Plukken
Er
zijn veel verschillende vachtstrukturen bij honden
en de plukvacht is daar eentje van. Honden met een
dergelijke vacht hebben doorgaans een zachte,
wollige ondervacht, met een bovenlaag van harde,
draadachtige haren. Dit soort vacht beschermde
vroeger de honden, die vaak dienst deden als
jachthond (bv. terriërs, teckels, schnauzers),
tegen allerlei invloeden van buitenaf. Hieronder is
te verstaan struikgewas, regen en koude. De harde
bovenvacht zorgde voor een goede afweer tegen nat
weer, terwijl de ondervacht de honden warm hield.
Ook vuil had geen invloed op de vacht. Plukken werd
in die tijd ook gedaan, echter niet door
mensenhanden, maar door de natuur zelf: de struiken
zorgen ervoor dat overtollig haar werd
verwijderd.
Tegenwoordig
komt een ruwhaarhond gemiddeld 4 keer per jaar in
de trimsalon. De meeste honden leiden niet meer het
leven zoals hun vroegere voorouders en dus neemt
zo'n salon het werk over van het struikgewas. Met
de hand (in sommige trimsalons wordt ook wel een
trimmes gebruikt) worden de dode haren van de
bovenvacht met wortel en al uit de huid getrokken.
Het woord "dode" duidt al aan dat dit niet pijnlijk
is.
De
plukmethode is echter wel erg arbeidsintensief. De
haren worden met kleine bosjes tegelijk uitgeplukt
en het is begrijpelijk dat dat niet in een
half-uurtje gebeurd
is.
Enkele
jaren geleden was het nog gewoonte de hond tweemaal
per jaar helemaal kort te plukken. Wat overbleef
was dan een zachte vacht die compleet bestond uit
enkel de onderwol. Tegenwoordig is die regelmaat
veranderd en wordt geadviseerd de hond eens per
drie maanden te strippen, wat zo ongeveer wil
zeggen dat iets meer dan de helft van de harde
bovenvacht wordt verwijderd, waardoor de hond er
eigenlijk het hele jaar door netjes
bijloopt.
Helaas
wordt uit onwetendheid of soms zelfs gemakzucht een
ruwhaarvacht geschoren. Hierdoor veranderd de
structuur van zo'n vacht volledig en dat kan zelfs
gebeuren na 1 of 2 keer scheren. De dode haren
worden op die manier niet verwijderd, blijven
zitten, met als gevolg dat de vacht krullerig en
zacht wordt. De honden worden grauw van kleur en
regen, kou en vuil hebben vrij spel, waardoor zo'n
hond nat en vies tot op de huid kan worden. Er moet
meer onderhoud gedaan worden in de vorm van wassen,
kammen en borstelen om de hond toonbaar te houden
en zelfs dat is op den duur niet meer
afdoende.
Een
geschoren plukvacht is door een ervaren trimmer
gelukkig terug te brengen tot de normale
vachtstruktuur. Dit kost echter veel tijd en veel
geduld van de eigenaar. Elke keer worden er
voorzichtig wat haren geplukt. Dat dit voor de hond
niet erg fijn is, moge duidelijk zijn. Maar al na 1
plukbeurt zie je vaak de orspronkelijke structuur
van de vacht terug verschijnen.
Het
spreekt voor zich dat u voor het plukken van uw
ruwhaar hond een goede trimsalon zoekt, die precies
weet hoe met zulke vachten om te gaan. Aarzel niet
om vragen te stellen; een goede trimmer zal deze
vragen graag voor u beantwoorden!

Voor
het plukken
|

Na
het plukken
|
|